Prikaccidenten

Deze hoofdrubriek bevat 2 rubrieken:

‘Prikaccidenten’ zijn prik-, snij-, bijt- en spatongelukken. Hierbij kunnen er door bloed-bloedcontact ziekteverwekkers zoals virussen worden overgedragen. Veel mensen onderschatten de risico’s hiervan.

Prikaccidenten

Omdat 85% van de prikaccidenten in de zorgsector voorkomt, hebben werkgevers en werknemers uit die sector in Europees verband het initiatief genomen om prikaccidenten aan te pakken.

Dat heeft geleid tot een Europese richtlijn die werkgevers van alle lidstaten verplicht om hun medewerkers te beschermen tegen prikaccidenten. In Nederland is dat vertaald in het Arbeidsomstandighedenbesluit, artikel 4.97. Daarin staat dat:

  • veilige naaldsystemen beschikbaar moeten zijn met ingebouwd veiligheids- en beschermingsmechanisme;
  • recappen verboden is.

Veilige naaldsystemen zijn naalden, chirurgische messen en andere (scherpe) medische hulpmiddelen met ingebouwde beveiliging, zodat de uitvoerende zorgmedewerker na gebruik zichzelf of een ander er niet mee kan besmetten.

Dit betekent dat het gebruik van naaldenbekers of –containers alleen niet voldoende is. Dit artikel 4.97 is ook van toepassing op vrijwilligers.

Risico

Er is ALTIJD een risico voor alle zorgmedewerkers die gebruikte naalden op hun werk kunnen tegenkomen, ook bij huisartsen, thuiszorgmedewerkers, ouderenverzorgers en schoonmakers. Ook een patiënt die bekend is bij de zorgmedewerker kan (onbewust) drager zijn.

Werkgevers

Als werkgever neemt u maatregelen om prikaccidenten te voorkómen. Dit betekent dat u veilige naaldsystemen beschikbaar stelt, naast naaldcontainers voor de veilige afvoer van scherpe materialen. Economische afwegingen mogen in de keuze van de te nemen maatregelen niet meetellen.

Het is essentieel dat u bovendien zorgt voor voorlichting, training en intern toezicht. Als dit niet blijvend naast de naalden beschikbaar is, blijft door onjuist gebruik van de naalden een risico op prikaccidenten bestaan. Zo breken zorgmedewerkers bijvoorbeeld de beveiliging eraf omdat zij die niet herkennen als beveiliging.

Bij het bepalen van de maatregelen gaat u uit van bronbeleid volgens de arbeidshygiënische strategie.

Dat betekent dat u alle beschikbare technische mogelijkheden benut om blootstelling van uw medewerkers aan virussen te voorkómen en de risico’s beperkt. U zorgt voor de beperking van de resterende blootstelling door:

  • Beschikbaar stellen van veilige naaldsystemen. Van vrijwel alle naalden is een veilige variant leverbaar.
  • Aanbieden van informatie en training over juist naaldgebruik, bijvoorbeeld met instructiefilmpjes van de leverancier.
  • Verzorgen van intern toezicht op toepassing van de maatregelen.
  • Beperken van het aantal werknemers dat tijdens het werk met naaldsystemen in aanraking komt.
  • Beschikbaar stellen van veiligheidsbrillen en handschoenen om spatincidenten te voorkómen.
  • De grootst mogelijke orde en netheid op de werkplaats realiseren.
  • Beschikbaar stellen van voldoende naaldcontainers om te voorkómen dat medewerkers met naalden moeten lopen.
  • Een noodplan opstellen zoals voorgeschreven in het Arbobesluit en dit schriftelijk beschikbaar stellen op de werkplek.
  • Faciliteren dat een deskundige, zoals een bedrijfsarts, binnen twee uur na enig prikaccident een professionele risicoinschatting kan uitvoeren en indien nodig de medewerker een behandeling kan laten ondergaan. Als er een kans bestaat op een hiv-besmetting, moet de medewerker PEP (post-expositie profylaxe) aangeboden krijgen.
  • Opnemen van het risico van prikaccidenten in de risicoinventarisatie en –evaluatie.
  • Aanbieden van een hepatitis B-vaccinatie aan al het personeel dat enig risico loopt op een prikaccident.

Deze maatregelen gelden voor al het personeel dat in aanraking komt met scherpe hulpmiddelen, ook bijvoorbeeld schoonmaakpersoneel, tijdelijke krachten, co-assistenten, leerlingen en stagiaires.

Werknemers

Als werknemer kunt u veel doen om uw eigen gezondheid en veiligheid te vergroten. De verantwoordelijkheid voor een juist gebruik van veilige naaldsystemen ligt mede bij u. Wat kunt u als werknemer in de zorg doen?

  • Veilige naaldsystemen en naaldbekers gebruiken volgens de instructie.
  • Trainingen en instructie volgen.
  • Uw collega’s wijzen op het risico.
  • Uw werkgever vragen om veilige naaldsystemen.
  • Uw werkgever wijzen op arboportaal.nl.
  • In gesprek blijven met uw leidinggevende over uw veiligheid en gezondheid.

Prikaccidenten vormen een risico voor overdracht van virussen zoals hiv, het hepatitis B- en C-virus, maar leiden ook zonder dat tot hoge persoonlijke, maatschappelijke en bedrijfsmatige kosten. 

De gevolgen van een prikaccident zijn groot: iemand die zich prikt moet handelen volgens het noodplan zodat er snel een inschatting gemaakt kan worden of er mogelijk hiv, het hepatitis B- of C-virus is overgedragen. Binnen twee uur moet een deskundige, zoals een bedrijfsarts, daartoe een risicoinschatting uitvoeren. Als bekend is welke patiënt de bron is, kan het voldoende zijn om het dossier te controleren, maar soms moet de patiënt zelf worden onderzocht, wat belastend kan zijn voor hem en zijn beeld van het ziekenhuis. In geval van prikken tijdens opruimwerkzaamheden is de bron vaak onbekend. Dat maakt het complexer, omdat de deskundige dan geen inschatting kan maken van het risico. Als er een kans bestaat op een hiv-besmetting, moet de medewerker PEP (post-expositie profylaxe) toegediend krijgen. De geprikte medewerker blijft lang in onzekerheid over een eventuele infectie; pas na zes maanden is er een definitieve uitslag.

Zelfs als er uiteindelijk niets aan de hand blijkt te zijn, is er persoonlijke schade in de vorm van stress, onzekerheid en te nemen veiligheidsmaatregelen privé en op het werk. De medicijnen kunnen heftige bijwerkingen geven.

De werkgever maakt kosten als gevolg van tijdelijke uitval, inzet van de bedrijfsarts en mogelijk beperkte inzet van de medewerker. Als de medewerker werkelijk besmet blijkt te zijn, begint de ellende pas echt.

In het interview met 'Eva' blijkt dat zes jaar na het prikaccident alleen al de naam van de bedrijfsarts angst en stress oproept. Zij is niet besmet geraakt, maar ze was zwanger op het moment van het accident wat de impact daarvan nog eens vergrootte. Ook wilde zij hier niet met haar eigen naam genoemd worden, vanwege de mogelijk stigmatisering voor haar kind.

Misvattingen

Over de noodzaak van het gebruik van veilige naaldsystemen bestaan heel wat misvattingen. 

  • Wij werken al veilig; we hebben naaldbekers – alleen een combinatie van veilige naaldsystemen, voorlichting, instructie en intern toezicht leidt tot het voorkómen van prikaccidenten; naaldbekers zorgen alleen voor een veilige afvoer van gebruikte naalden.
  • Ik ben zelfstandig – het Arbobesluit geldt ook voor u en u loopt even goed risico, ook om uw patiënten te besmetten als u onverhoopt zelf besmet bent geraakt.
  • Ik geef alleen injecties, daar komt geen bloed bij – een gebruikte injectienaald bevat voldoende bloed om hepatitis B of C over te dragen, zelfs als er geen bloed zichtbaar is.
  • Ik draag handschoenen – naalden prikken gemakkelijk door handschoenen heen.
  • Ik ben huisarts, ik ken mijn patiënten – een deel van de dragers van hiv, het hepatitis B- of C-virus weet het zelf niet.
  • Ik werk met ouderen – ook ouderen reizen, hebben seks en mogelijk geëxperimenteerd met drugs, nu of in het verleden.
  • Ik ben ervaren – ook ervaren gezondheidszorgmedewerkers prikken zich wel eens, soms door een onverwachte beweging van de patiënt of een collega.
  • Ik ben specialist – ook specialisten lopen risico. 7,5% van de prikaccidenten betreft specialisten (onderzoek Frijstein AMC).
  • Ik werk in de thuiszorg – uw cliënten kunnen in de apotheek om veilige naaldsystemen vragen, anders moet uw werkgever deze beschikbaar stellen.
  • Ik ben al gevaccineerd – voorkomen is beter! Bovendien bestaat er geen vaccinatie tegen hepatitis C en hiv en sommige mensen ontwikkelen geen antistoffen na vaccinatie (non-responders).
  • Ik werk niet met verslaafden – niet alleen verslaafden zijn besmet met hiv, het hepatitis B- of C-virus.
  • Ik kan mijn patiënten wel inschatten – verpleegkundigen schatten in 50% van de gevallen onjuist in of de patiënt besmet is of niet [voetnoot P. van Wijk, VUMC].
  • Ik weet niet hoe veilige naaldsystemen werken –  vraag uw werkgever of uw leverancier.
  • Mijn werkgever stelt geen veilige naaldsystemen beschikbaar – ga het gesprek aan met uw werkgever en wijs hem op arboportaal.nl.
  • Mensen gaan niet meer dood aan hiv – als u het virus krijgt moet u voor de rest van uw leven stipt medicijnen innemen en de bijwerkingen ervan kunnen heel vervelend zijn, nog afgezien van de stigmatisering van hiv, hepatitis B en C.
  • Ik heb liever meer handen aan het bed dan die dure naalden – de kosten van een prikaccident variëren van € 200 tot € 13.500. Als u zich prikt, bent u bovendien tijdelijk niet beschikbaar aan het bed.

Er bestaat altijd een risico op prikaccidenten voor zorgmedewerkers.