Werkgevers zijn verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkomgeving voor ál hun medewerkers. Ook voor arbeidsmigranten, die onmisbaar zijn voor de Nederlandse economie en vaak werken in sectoren met hogere veiligheids- en gezondheidsrisico’s. Toch blijven arbeidsmigranten in de regelmatig buiten beeld in het zorgsysteem.

Dat blijkt uit het rapport ‘Arbeidsmigranten veilig en gezond – wat werkt in de praktijk’. De toegang tot zorg voor arbeidsmigranten is niet altijd goed geregeld. Het is een rapport van de werkgroep Arbeidsmigranten Veilig en Gezond van de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB), de Nederlandse Vereniging voor Verzekeringsgeneeskunde (NVVG) en de Koepel Artsen Maatschappij + Gezondheid (KAMG).

Arbeidsmigranten vaak niet in beeld bij zorg en preventie

Artsen en andere sociaalgeneeskundige professionals zien dat het “niet in beeld zijn” van arbeidsmigranten een structureel probleem is. Ze komen vaak niet bij de bedrijfsarts of verzekeringsarts, of pas als klachten ernstig zijn. Door taalbarrières, tijdelijke contracten, wisselende woonplekken en het ontbreken van registratie in systemen raken veel mensen uit zicht.

Ook toegang tot bedrijfsgezondheidszorg ontbreekt geregeld, vooral voor uitzendkrachten. Daardoor worden risico’s laat gesignaleerd en kunnen beroepsziekten en arbeidsongevallen onvoldoende worden herkend en gemeld.

Kwetsbaarheid van arbeidsmigranten

Het rapport laat zien dat kwetsbaarheid vaak een stapeling is van factoren rond werk wonen en bestaanszekerheid. Dat kan bijvoorbeeld zijn door zwaar en repeterend werk met relatief veel ernstige arbeidsongevallen. Daarnaast komen infectieziekten vaker voor. Afhankelijkheid van werkgever en inkomen leidt daarnaast tot zorguitstel. Verder zorgen instabiele huisvesting en weinig sociale steun ervoor dat herstel vaak moeilijker is.

Een belangrijke conclusie is dat taal een drempel vormt. Dat kan bijvoorbeeld leiden tot beperkte kennis van rechten. Hierdoor werken mensen vaak langer door of hervatten het werk te vroeg na ziekte. Door wisselende werktijden van ouders en taal- of systeemdrempels maken arbeidsmigranten voor hun kinderen minder gebruik van preventieve zorg. Alles bij elkaar leidt dit volgens professionals tot vertraagde zorg, langduriger klachten en grotere maatschappelijke problemen.

Wat kun je doen als werkgevers en arboprofessional?

Het rapport bevat tien aanbevelingen. Een selectie van maatregelen die werkgevers en (arbo)professionals direct kunnen toepassen:

  1. Zorg dat tolken eenvoudig inzetbaar zijn en dat medewerkers weten dat dit hun recht is. Vermijd improviseren met apps bij complexe gesprekken.
  2. Zorg voor toegankelijke bedrijfsgezondheidszorg, ook voor uitzendkrachten. Zorg voor lage financiële drempels en maak bekend dat er een preventief bedrijfsartsconsult is. Bied álle werknemers bedrijfsvaccinaties aan en nodig hen actief uit.
  3. Bied duidelijke informatie in eigen taal. Bijvoorbeeld over ziekmelden, arboregels, bedrijfsongevallen en ondersteuning. Gebruik bijvoorbeeld flyers, korte video’s of inloopspreekuren, voor een sterker handelingsperspectief.
  4. Behoud en versterk ondersteunende functies. Denk aan maatschappelijk werk en sleutelpersonen die taal en cultuur kennen, zodat mensen echt toegang tot zorg krijgen.
  5. Werk actief samen. Zoek korte lijnen met bedrijfsarts, huisarts, GGD, jeugdgezondheidszorg en gemeente. Structurele samenwerking vergroot het bereik en helpt problemen eerder signaleren.

Samen werken aan een veiligere praktijk

Volgens de beroepsverenigingen is er veel motivatie onder professionals om de zorg voor arbeidsmigranten te verbeteren. Maar dat vraagt om structurele randvoorwaarden: tijd, taalondersteuning en samenwerking. Het rapport laat zien dat er al veel kennis is over wat werkt in de praktijk. Werkgevers spelen daarin een sleutelrol.

Bekijk het volledige rapport ‘Arbeidsmigranten veilig en gezond – wat werkt in de praktijk’.