Maatregelen bij repeterende handelingen

Als er sprake is van een risico door repeterende handelingen, dan moet de werkgever maatregelen nemen om het risico weg te nemen of te verkleinen.

Maatregelen op het gebied van techniek, organisatie van werk en gedrag

De Arbowet schrijft als eerste de bronaanpak voor, oftewel het wegnemen van de oorzaak van het probleem. In de praktijk kan dit vaak het beste door technische maatregelen te nemen, of het werk kan anders worden georganiseerd. Daarnaast is het belangrijk maatregelen te nemen gericht op het gedrag van de werknemer, denk aan voorlichting en training.

Voorbeelden van technische maatregelen

Voorbeelden van technische maatregelen om de risico’s door repeterende handelingen te verminderen zijn:

  • Ga na of de taak geautomatiseerd kan worden en of de repeterende handelingen echt nodig zijn voor het werk dat moet worden verricht.
  • Pas de werkplek zo aan dat alle materialen op goede werkhoogte en binnen handbereik liggen waardoor een goede werkhouding mogelijk is. Zorg voor een werkhoogte die niet te laag is, zodat men met de romp en het hoofd zoveel mogelijk rechtop kan werken. De werkhoogte mag ook niet te hoog zijn zodat de bovenarmen niet geheven moeten worden. Als er verschillende werknemers op dezelfde werkplek werken, moet de werkhoogte gemakkelijk aangepast kunnen worden aan de lichaamslengte van de individuele medewerker. Raadpleeg zo nodig een deskundige.
  • Verminderen van de precisie-eisen die het werk stelt, door aanpassing van de taak, dichter bij de ogen brengen van het werk, aanbieden van hulpmiddelen zoals een loep.
  • Zorgen voor goede visuele, auditieve of tactiele feedback op de taakuitvoering bij precisie-taken (bijvoorbeeld een piepsignaal als iets fout gaat).

Organisatorische maatregelen

Voorbeelden van organisatorische maatregelen om de risico’s door repeterende handelingen te verminderen zijn:

  • Taakroulatie of aanpassing van het takenpakket, zodat belastende taken afgewisseld kunnen worden met taken die minder belastend zijn. Knielend, hurkend, staand, zittend en lopend werk zoveel mogelijk afwisselen.
  • Gunstige opstelling van materialen en gereedschap (binnen handbereik en vòòr het lichaam), zodat men niet ver naar voren, opzij of naar achteren hoeft te reiken met de armen en zoveel mogelijk in een neutrale houding kan werken.
  • Voldoende herstelmogelijkheden creëren door inlassen van pauzes; bij voorkeur na maximaal 1,5 uur werk minimaal 7,5 min pauze of ander werk, zodat werknemers even van hun werkplek af kunnen gaan en statische belasting van de spieren doorbroken wordt. Geef werknemers bij voorkeur de vrijheid om hun pauzes te nemen op momenten dat zij zelf behoefte hebben om te herstellen van de belasting door het werk.
  • Afwisseling in het werk brengen over de werkdagen heen, zodat niet alle dagen hetzelfde werk wordt gedaan.
  • Ontspan de spieren op rustige momenten met enkele eenvoudige oefeningen.
  • Een training-on-the-job kan helpen om een ongunstige werkhouding te voorkomen.

Adviezen voor werknemers

Als werknemers klachten hebben of het werk te zwaar vinden, moeten zij dit kunnen melden aan de preventiemedewerker of hun leidinggevende. Werkgevers kunnen veel maatregelen treffen bij repeterende handelingen. Enkele voorbeelden staan hierboven vermeld. Om maatregelen succesvol in te voeren is het raadzaam om werknemers in een vroeg stadium bij te betrekken (participatieve aanpak).

Sectorspecifieke oplossingen

Naast bovenstaande algemene aanbevelingen, zijn er sectorspecifieke oplossingen te vinden in de zogenaamde Arbocatalogi die voor diverse sectoren zijn opgesteld.