Deze website gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren.

Lees meer over cookies.

Valbeveiliging

Valbeveiliging

Bescherming bij vallen

Vallen is extra riskant bij werkzaamheden op 2,50 meter of hoger. Dat is dan ook de grens voor het verplicht gebruik van valbeveiligingsmiddelen. Vanaf deze hoogte gelden Europese richtlijnen die bijvoorbeeld stelt dat ladders voor deze hoogte niet meer gebruikt mogen worden. Persoonlijke beschermingsmiddelen zijn altijd noodzakelijk als collectieve voorzieningen voor valbeveiliging onvoldoende mogelijk zijn.

Voor risico's bij vallen blijken opruimen van materialen en aandacht voor de risico’s het belangrijkste preventiemiddel. Dit behoort dan ook een onderdeel te zijn van werkinstructies en veiligheidsplannen. Veel valpartijen ontstaan doordat afval is blijven liggen, gereedschap rondslingert of materialen ‘even’ in de looproute zijn opgeslagen.

Veiligheidsgrens: 2,50 meter

Vanaf 2,50 meter spreekt men van werken op hoogte. Dan zijn er specifieke maatregelen ter voorkoming van valgevaar nodig. Een val vanaf deze hoogte kan ernstige gevolgen hebben. Bij werk op een hoogte van minder dan 2,50 meter is valbeveiliging ook verplicht wanneer er sprake van een verhoogd valrisico is, bijvoorbeeld bij werken boven water, op verkeerswegen of nabij uitstekende delen. Valgevaar dient altijd – bij elke hoogte – in een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) te worden meegenomen als een potentieel risico. In het Arbobesluit 3.16 is meer te lezen over voorzieningen bij valgevaar.

Arbeidshygiënische strategie

Als er op hoogte gewerkt moet worden, zijn volgens de arbeidshygiënische strategie (een hiërarchisch stelsel van beheersmaatregelen voor risico’s) de volgende niveaus van beveiliging mogelijk:

  • Een werkplek moet bij voorkeur permanent worden aangepast door bijvoorbeeld vaste balustrades of leuningen te plaatsen.
  • Er moeten tijdelijke voorzieningen worden getroffen, zoals steigers of verplaatsbare dakrandbeveiliging. De organisatie dient erop gericht te zijn valgevaar als continue actief risico te beschouwen.
  • De planning moet zo worden ingericht dat tijdens een bouwproject zo snel mogelijk vaste trappen worden geplaatst.
  • Wanneer de voorgaande collectieve voorzieningen niet mogelijk blijken, dan is persoonlijke valbeveiliging noodzakelijk.

Persoonlijke valbeveiliging

Als collectieve maatregelen niet afdoende zijn, dan is persoonlijke valbeveiliging noodzakelijk. Een goede valbeveiliging voorkomt de volgende risico’s:

  • vallen van hoogte;
  • abrupt breken van de val (klap); en 
  • afknelling door vallijn.

Valbeveiliging moet uit drie onderdelen bestaan. De werksituatie bepaalt welke valbescherming de voorkeur verdient.

  • een vast en stevig bevestigingspunt voor de beveiligingskabel;
  • een harnas dat de medewerker via een kabel verbindt met het bevestigingspunt; en
  • een valstopapparaat of valdemper.

Een positioneringslijn mag uitsluitend worden gebruikt als gebiedsbeperking en nooit in situaties waarbij een val mogelijk is. Met de juiste lijnlengte kan men voorkomen dat iemand in een gevaarlijk valgebied terecht komt.

Stuur door Delen